Terugkerend van een recente reis naar de Verenigde Staten bevond ik me aan boord van een Airbus 380. Een gigantisch toestel (538 passagiers verspreid over twee verdiepingen) met een leuk detail: het heeft niet één camera aan boord maar liefst drie, één in de neus, één onderaan en één op de staart van het toestel. Als passagier kan je kiezen welk beeld je wil bekijken. De laatste camera had mijn voorkeur en vooral bij opstijgen en landen geeft het een indruk van een computerspel, met dit verschil dat je wel aan boord van het toestel zit. Opstijgen gaf een gevoel van zware inspanning en traagheid, niet verwonderlijk gezien de omvang van het toestel.
Als economist ga je onvermijdelijk parallellen trekken met het economisch herstel, de Amerikaanse mastodont die van de grond probeert te komen. Verrassend genoeg schijnt dit toch wel aardig te lukken, tot soelaas van nog altijd wantrouwige beleggers. De titel van deze blog komt trouwens van mijn collega Larry Marks. Hij maakt deel uit van ons asset allocation team, werkt in Boston en is vanuit zijn decennialange ervaring ideaal geplaatst om te evalueren wat in de Amerikaanse economie en markten gebeurt. Wanneer ik in Boston ben hebben we steevast een lang ontbijt op kantoor met weinig tijd om te eten maar veel om te praten. De feedback die ik kreeg was dat het moeilijk is om barsten te vinden in de cyclische upswing: er worden nu banen gecreëerd, de aankoopdirecteurs (ISM-index) blijven heel optimistisch, inclusief wat de orderboekjes betreft, de kleinhandelsverkopen liggen boven de verwachtingen. Sprekend met Mark Stoeckle, hoofd van ons Amerikaans aandelenteam in Boston, bevestigde deze zijn vertrouwen in het nieuwe resultatenseizoen, er weliswaar aan toevoegend dat het de markt niet ontgaan is dat de resultaten goed zullen zijn. Hij benadrukte ook dat binnen de small caps de activiteit qua fusies en overnames sterk is toegenomen en dat dit een thema zal blijven voor de rest van het jaar: bedrijven hebben veel cash, de kapitaalmarkt functioneert weer, de economie doet het beter, de mogelijkheden tot kostenbesparingen zijn grotendeels benut dus overnames zijn een middel om de rendabiliteit te verhogen en tenslotte zorgt het vooruitzicht van een stijging van de meerwaardebelasting aan het einde van het jaar ervoor dat, zo men al zin heeft een bod uit te brengen op een onderneming, men er belang bij heeft dit in 2010 te doen in plaats van te wachten tot bijvoorbeeld voorjaar 2011.
Bij dit alles zijn andere recente knelpunten zijn naar de achtergrond verdwenen: de heisa over het Chinese muntbeleid (de signalen zijn nu duidelijk dat men de Chinese munt ietwat zal laten appreciëren tegenover de dollar), Griekenland (met de kredietfaciliteit die de eurozonelanden hebben gecreëerd).
Laat me duidelijk zijn: er zijn tal van vraagtekens die boven de markt hangen (kleine ondernemingen in de VSA delen het optimisme van de grote niet; de werkloosheid blijft zeer hoog; de budgetaire problemen zijn enorm, …) maar voor de nabije toekomst ziet het er nog altijd naar uit dat we in een omgeving zitten waar het nemen van risico zou moeten renderen maar waarbij winstnemingen gezien de toch wel aanzienlijke recente stijging de belangrijkste spelbreker zouden vormen.
Reacties